Hij combineert meerdere rollen. Zannoni zit crisisteams op nationaal niveau voor tijdens grote crises. In die teams komen directeuren van ministeries, de politie, veiligheidsregio’s en andere organisaties samen. Daarnaast bereidt hij crisisbesluitvorming voor die uiteindelijk naar het kabinet gaat. Ook speelt zijn team een belangrijke rol bij de voorbereiding van landelijke plannen en oefeningen. Tel daarbij op zijn actieve positie in het samen met betrokken collega’s vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid richting de Europese Commissie, de NAVO en op veel plekken in eigen land.
Nationale crisisbeheersing
De aard van crises is wel veranderd volgens Zannoni. “We hebben nu vaker te maken met situaties, waarbij je ook te maken hebt met andere sectoren waarvoor je ook maatregelen moet treffen. Er zijn dus meer partijen bij betrokken: denk bijvoorbeeld aan verstoringen van vitale infrastructuur, zoals elektriciteit of water. Een crisis stopt niet bij een gemeente- of regiogrens.” Hij stipt gelijk een misvatting aan als het gaat over crisis. “Een beeld is dat we alles maar tot crisis verklaren. Nou, daar zijn we juist heel terughoudend in.”
Volgens hem draait nationale crisisbeheersing om duidelijke rollen, heldere communicatie en vertrouwen tussen organisaties. Het betekent; weten hoe er wordt opgeschaald, hoe informatie wordt gedeeld en hoe organisaties elkaar versterken. Je merkt dat partijen soms niet zo goed weten wat ieders rol is. “Als er een crisis is - dit is al een abnormale situatie - is dat voor die gemeente of regio vaak hun eerste keer. Er is weinig ervaring met het nationale niveau. Ik heb circa 80 crisisteams gedaan in vier jaar, waarvan er zo’n 75 waren met een veiligheidsregio en/of een gemeente aan tafel. Dus die samenwerking tussen wat er nationaal gebeurt en decentraal is geen theorie, die is er gewoon. Partijen willen samenwerken, ze willen het goede doen.” Zannoni is tegelijkertijd optimistisch gestemd dat er geleidelijk aan een manier van werken en een manier van denken is ontstaan, die je kunt terugleiden naar tal van geleerde lessen. “Het gaat alleen niet vanzelf. Je moet mensen hebben die gedreven zijn en willen blijven leren.”
Weerbaarheid moet groeien
“Wat ik onder maatschappelijke weerbaarheid versta? Er zijn veel interpretaties van dit thema, maar binnen deze context gaat het over een samenleving die kan omgaan met een ingrijpende langdurige verstoring, ontwrichting. Die dit kan absorberen en zich kan aanpassen. Dus een samenleving die kan herstellen en door kan gaan.” Volgens Zannoni betekent weerbaarheid dan ook: we moeten een weerbare samenleving hebben waar burgers zelf voorbereid zijn. Waar mensen elkaar ook vooral helpen. Waar helden opstaan die het goede willen doen! Hij gelooft heel sterk dat weerbaarheid iets is dat in een samenleving moet groeien. “Het is namelijk én én. De overheid moet ook scenario’s aangeven en keuzes in landelijk beleid maken.” Wanneer burgers weten hoe ze moeten handelen bij bijvoorbeeld een stroomstoring, cyberincident of noodsituatie, kunnen de gevolgen aanzienlijk worden beperkt. “In die 25 jaar crisisdomein heb ik wel gezien dat mensen elkaar helpen bij een ramp of grote verstoring. Paniek blijkt vaak een mythe.”
Digitalisering en crisisdomein onlosmakelijk verbonden
Een hele belangrijke ontwikkeling in het crisisdomein is alles wat met de digitale wereld te maken heeft. Zannoni: “Aan de ene kant omdat we ook tijdens een crisis merken hoe afhankelijk we zijn van digitale verbindingen, dat alles het doet, dat alles gekoppeld is. Dat betekent ook dat als er iets misgaat, dat de effecten heel snel heel groot worden.” Tegelijkertijd brengt deze ontwikkeling nieuwe kwetsbaarheden met zich mee, denk alleen maar aan cyberbedreigingen. “Klopt, een cyberincident kan net zo ontwrichtend zijn als een fysieke ramp. Bij crisisbeheersing in deze tijd hoort dan ook het voorbereid zijn op digitale verstoring, maar ook cybercrisis,” benadrukt de directeur NCTV. De aandacht die hiervoor is, is gelukkig fors. Van tweejaarlijkse oefeningen tot periodieke publicaties op cybersecuritygebied en alles wat hiertussen zit. “Iedereen in het crisisdomein moet zich goed inlezen in de ontwikkelingen en zich de vraag stellen: wat betekent dit voor mij?”
Kennisdelen op beurs
Tijdens eRIC treedt Marco Zannoni op als spreker over weerbaarheid en crisisbeheersing, waarbinnen uitdagingen complexer worden, maar waar óók kansen liggen voor samenwerking en innovatie. Zannoni gelooft dat kennisdeling en ontmoeting essentieel zijn om vooruitgang te boeken. Hij vervult op de beurs een verbindende rol tussen kennis en praktijk, deelt zijn visie en gaat in gesprek met professionals. “Ja, we hebben met elkaar een grote opgave. En het is urgent. Dus hoe gaan we het doen? Hoe maken we iets abstracts concreet? Je hebt concrete en zichtbare acties nodig. Ik hoop dat de aanwezige professionals meenemen uit mijn verhaal dat dit óók over hen gaat. We staan dus weliswaar voor ‘n grote opgave, maar elk klein stukje helpt. Het gaat over iedereen, dus ook over jou. Of je nu in het meldkamerdomein zit, bij de brandweer, bij de veiligheidsregio of in het bedrijfsleven. Ook jij kunt bijdragen.”
Wat drijft jou tot slot om dit complexe werk te blijven doen?
“Ik zie mezelf dit nog jarenlang doen, want het gaat echt over echte problemen en vraagstukken. Het gaat vaak over het nu en tegelijkertijd moet je ook nadenken over de langere termijn. Het is ongelooflijk interessant omdat je eigenlijk steeds een kijkje in de keuken mag nemen van weer een deel van die samenleving. Of het nu een natuurbrand is, een infectieziekte of een heftige zedenzaak. Je leert enorm veel en je kunt ook echt iets betekenen voor mensen”, besluit hij.
Meer weten? Bezoek de lezing van Marco Zannoni Op weg naar een weerbare samenleving: een terug- en vooruitblik tijdens eRIC op 22 april om 11.15 uur, Vliegveld Twenthe, in lezingzaal 1